Welke toekomst voor de cultuursector?

Elke crisis draagt de belofte in zich van een betere wereld. Het is niet de orkaan die ons interesseert, wel de plannen voor de heropbouw. Niet de tsunami, maar de versterking van de dijken. Niet de bosbranden, maar een duurzamer leven als remedie tegen klimaatverandering. Met corona is het niet anders. 'Er zal een wereld vóór en een wereld na corona zijn!', voorspellen dromers en revolutionairen. Mag ik daar sterk aan twijfelen?

Het valt me op dat het verlangen naar de normaliteit na elke veiligheidsraad alleen maar toeneemt. Mogen de scholen opnieuw open? Kan ik weer gaan barbecueën bij vrienden? Mag ik zonder mondmasker naar de fitness? Vliegen naar Lissabon? Dansen op een huwelijksfeest? Wil #BeterNaCorona meer zijn dan een fancy hashtag, dan kan de crisis best nog een paar jaar aanhouden. Hoe sneller het virus bedwongen is, hoe evidenter het is dat we terugvallen in ons gewone doen.

En toch heeft corona de verdienste de prioriteiten weer voor even op scherp te stellen: 'zijn' boven 'hebben'. De afgelopen maanden voelden als een warm dekentje die je ervaart bij de uitvaart van een vriend: mensen die explicieter 'goeiedag' zeggen - zeker als ze zich schamen wanneer ze in een social distancing bochtje om je heen lopen -, de herontdekking van de waarde van onze sociale zekerheid, de kracht van zorgzame buren en van een milde werkgever.

Dit is ook zo voor het belang van cultuur. Net omdat het niet mag, willen zeker jonge mensen met te veel in een te kleine ruimte naar een concert. Net omdat het niet mag, krijgt de film op vrijdag, de theatervoorstelling op zaterdag en het museumbezoek op zondag meer waarde. Sinds de besparingen van de Vlaamse regering op het cultuurbudget van eind vorig jaar was de solidariteit voor onze sector al toegenomen. Mensen gingen massaal op de foto op de scène na een voorstelling om hun steun te betuigen. Corona heeft die waardering voor alles wat kwetsbaar en immaterieel is nog doen toenemen. Maar liefst 43 procent van het publiek van de ruim tweehonderd geannuleerde voorstellingen en concerten bij Vooruit vroeg de centen van hun tickets niet terug, maar stortte het in een solidariteitsfonds voor kunstenaars.

GEBREK AAN PERSPECTIEF VOOR FREELANCE EN JONGE KUNSTENAARS

Vanaf dag één werd de cultuursector hard getroffen en ook nu nog hangt de heropstart aan een zijden draadje. Nu al de schade opmeten of de kansen detecteren is te vroeg, zeker met de hete adem van een tweede golf in onze nek. Toch zien we nu al een paar kiemen en een interessant side effect.

Individuele kunstenaars en freelance medewerkers zijn de zwaarst getroffen groep. Hun precair statuut kwam pijnlijk aan de oppervlakte en versterkte het draagvlak om dringend werk te maken van een fel verbeterd kunstenaarsstatuut.

Ik werd nog meer getroffen door het gebrek aan perspectief voor jonge kunstenaars. Op het einde van hun bachelor of master stromen ze door naar een dor veld. De kansen voor volgend seizoen zijn hoogst onzeker. Alle uitgestelde voorstellingen en concerten na 13 maart 2020 – de dag dat de lockdown inging – verdringen de speelkansen voor nieuw werk. Het valt te voorspellen dat jonge makers de sector verlaten nog voor ze goed en wel toegetreden zijn. Of dat ze, in het beste geval, alternatieven ontwikkelen voor de grote cultuur- en kunstenhuizen omdat ze daar onvoldoende plek krijgen. We zien dit op een interessante manier gebeuren met Zuidpark, het Gents kunstenaarscollectief 'met grote bewondering voor Josse De Pauw en Samson' en met het spelerscollectief Camping Sunset, dat kiest voor een lange speelreeks op een zomerse locatie na een korte repetitieperiode.

SLUITING VAN DE ARTISTIEKE GRENZEN

Corona blies het internationale aanbod van de kaart. Buitenlandse kunstenaars mogen niet meer reizen en programmamakers geven de vrijgekomen ruimte aan lokale (lees: Belgische) artiesten. Om ecologische redenen stond het internationaal touren sowieso al onder druk. Zo vliegt Vooruit alleen nog bands en gezelschappen in als we een Europese tournee kunnen arrangeren, maar gaan we niet langer voor one off shows.

Het sluiten van de artistieke grenzen is niet enkel een verschraling voor het publiek. Het is dramatisch voor sommige kunstenaars die amper een lokale 'afzetmarkt' hebben in bijvoorbeeld Afrikaanse of Latijns-Amerikaanse landen. Laat dit een pleidooi zijn voor wederkerigheid binnen internationale culturele samenwerkingen. Programmatoren vliegen de planeet rond op zoek naar nieuw talent. Dit kan voor die kunstenaars dan wel een doorbraak in Europa betekenen, maar de wijk, de stad en de school waar die artiesten opgroeiden hebben daar weinig aan. Samen met de A.M. Qattan Foundation en het Gentse Gouvernement plande Vooruit een festival in Ramallah (28 maart) en Haifa (30 juli), als bekroning van een langlopende ondersteuning van Palestijnse kunstenaars op de West Bank. Door het virus zijn is ook dat festival geannuleerd.

Misschien kan de digitalisering die door corona een boost kreeg hier soelaas bieden. Laten we afspreken dat we de beperkingen van digitale cultuurconsumptie – ik word niet wild van een gestreamd theatermonoloog – compenseren met het internet écht te gebruiken als een world wide web. Ik zie wel voordelen in het streamen van een concert in de zaal om de hoek naar een zorgcentrum om de hoek, maar nog interessanter wordt het wanneer 'om de hoek' in een ander continent ligt. Het is merkwaardig dat live streaming tijdens corona eerder leidt tot het nabij brengen van wat al nabij was, dan van wat fysiek moeilijker te bereiken is.

WELKE TOEKOMST VOOR GROTE PRESENTATIEPLEKKEN?

Een kunstenhuis als Vooruit zet niet enkel in op presentatie, maar ook op productie, artistieke ontwikkeling en reflectie. Door het sluiten van de zalen voor publiek kwam voor dit alles meer ruimte vrij. Artistieke creatie gedijt goed in de luwte en aan luwte is er bij een lockdown geen gebrek. Niet alleen in de Vooruit-studio's, maar ook in onze zalen kunnen kunstenaars vanaf half mei aan de slag voor onderzoek en repetities. We voorzien daarvoor een faire vergoeding dankzij de niet-teruggevraagde tickets en een betrouwbare overheid die een structurele subsidie blijft garanderen.

Alle repeterende kunstenaars ten spijt: zij kunnen een huis, dat op een drukke dag ruim 2.000 mensen over de vloer krijgt, niet redden van de leegte. Het virus heeft het niet voor plaatsen waar mensen samen komen, waar gedanst en gezongen wordt. Helaas, dat is waar Vooruit net goed in is. Alles moet kleiner: een residentieshow van een band in de Balzaal voor vijftig mensen, een debat of rondleidingen in ons monument voor maximaal vijftien deelnemers. Ik zou een pleidooi kunnen houden voor vertraging en schaalverkleining, maar dit strookt niet met het DNA van Vooruit. Bovenal is de goesting bij het publiek vele malen groter dan het aanbod dat de cultuursector vandaag biedt.

'Laat het me zeker weten als jullie terug dans programmeren', zei de lieve mevrouw van de bloemenwinkel. 'Ik ben zelfs bereid om meer te betalen'. Daar ligt net het probleem. Tientallen jaren investeren in publieksverbreding en -participatie worden onderuit gehaald door het virus. Als we niet waakzaam zijn, wordt cultuur iets voor wie er het hevigst naar verlangt. Vóór corona haalden concerten en voorstellingen bij Vooruit een bezettingspercentage boven de 80%. Met een beperkter aanbod voor een kleiner publiek loopt dat publiek straks massaal tegen 'uitverkochte' zalen aan.

Wanneer het virus sneller muteert dan de tijd die we nodig hebben om een vaccin te ontwikkelen, dan ziet de toekomst voor grote presentatieplekken – en zo hebben we er in Vlaanderen met de culturele centra veel – niet goed uit. De supermarkten van de kunst zijn niet gebaat bij kleinschaligheid. Hun infrastructuur, personeelsequipes en werkmethodes lenen zich daar niet toe. Kleine creatiehubs in wijken, waar de rollen van publiek en maker vaak inwisselbaar zijn, zullen hiervan profiteren. De Gentse Meubelfabriek in de Brugse Poort is daar een mooi voorbeeld van. Een paaldanscollectief, een jeugdorganisatie die fietswrakken en weesfietsen restaureert, een gym, buurtbewoners die verticale tuintjes aanleggen, een medialab, improvisatietheater,... vinden hier onderdak. Door hun schaal en wendbaarheid lijken ze weerbaarder tegen het virus. Hun financiële precariteit is dan weer het grote nadeel.

BLACK LIVES MATTER

Het is duidelijk dat stedelijke en Vlaamse noodfondsen vooral aandacht moeten hebben voor deze informele en bijzonder waardevolle projecten. Het gaat om mensen die nog geen onderdeel uitmaken van de geïnstitutionaliseerde cultuursector. Ze spreken niet de dossiertaal van jury's en commissies en bouwen nog aan een nuttig netwerk. Het zijn wel vaak de mensen met een migratieachtergrond die niet bereikt worden door het formele circuit. Als we hen niet binnen laten in de gesubsidieerde sector, zullen ze niet meer binnen willen komen. Dit wordt alvast duidelijk uit een beweging die betekenisvoller zal blijken dan corona: Black Lives Matter.

Talentvolle jonge mensen van kleur nemen de publieke ruimte in, het woord én de macht. Als straks het virus terug in zijn kooi zit, zal hopelijk die beweging een gangmaker geweest zijn voor een noodzakelijke omwenteling in de culturele sector. Daarbij gaat het niet om meer kleur in de zaal of op het podium, maar om een radicaal divers landschap dat bestaande machtsverhoudingen doet kantelen. Kunstenorganisaties moeten bespeeld en vooral ingenomen worden door twintigers van vandaag, door mensen wiens canon evenzeer gekleurd is door Marokkaanse literatuur als door Belgische electro.

Zij kiezen voor een culturele sector die nog meer dan nu inzet op maatschappelijk verandering, op participatie en cocreatie. Maar vooral op impact. Een sector die politieker zal worden. De bressen die in de culturele sector door corona worden geslagen, zijn hiervoor een uitstekende opportuniteit.

Als er dan al een wereld voor en na corona zou zijn, dan zal dit niet te wijten zijn aan 'the China virus' – zoals Trump telkens hatelijk zegt - maar aan die jonge mensen die vanuit een kwaadheid en frustratie de ruimte zullen creëren die ze verdienen: in het hart van de culturele sector. Voor de culturele sector zou de Black Lives Matter-betoging op 7 juni op het Brusselse Poelaertplein wel eens een grotere impact kunnen hebben dan deze pandemie.

Deze bijdrage verscheen in de Zomerreeks 2020: #BeterNaCorona van Samenleving & Politiek.

Cookies

We maken gebruik van cookies en vergelijkbare technieken om het gebruik van de website te analyseren, om het mogelijk te maken content van derden af te beelden, zoals ook video’s, en voor verschillende andere toepassingen. Deze cookies worden ook geplaatst door derden. Door ‘akkoord’ te klikken, stemt u hiermee in. Als u niet akkoord bent, kunt u via de knop ‘Instellingen aanpassen’ uw voorkeuren opgeven. Meer informatie…

Cookies zijn nodig om de website goed te laten functioneren. Zo wordt bijvoorbeeld uw taalkeuze onthouden tijdens het surfen en het bestellen.

Maar cookies zijn ook nodig om de ervaring op de website te verrijken. Bijvoorbeeld media van derde partijen, zoals video's, gaan vaak gepaard met cookies. Ook houden we statistieken bij om de site doorlopend te verbeteren.

Als laatste worden cookies ook gebruikt om informatie rond onze marketing-activiteiten, zoals nieuwsbrieven en advertenties, zo efficiënt en persoonlijk mogelijk uit te kunnen uitvoeren.

Cookie instellingen